Hoofdnavigatie


Week 6, woensdag 8 februari 2012, 03:00

Zoeken zoek in cultura

J.K. Huysmans

J.K. Huysmans



Charles-Marie Georges was zijn eigenlijke naam. Maar om zijn Nederlandse achtergrond te benadrukken veranderde hij zijn naam in Joris-Karl. De schrijver J.K. Huysmans ( 1848 - 1907) is geboren uit een Franse moeder en een Nederlandse vader. Als ambtenaar op een frans ministerie schreef hij zijn boeken in zijn vrije tijd. 
Onder invloed van Emile Zola ontwikkelde Huysmans zijn als een naturalistisch schrijver. Maar in 1884 keerde hij zich van zijn leermeester af en schreef hij 'A rebours'. Deze roman die handelt over een man die zich van de wereld afsluit en zich binnenskamers overgeeft aan een zo esthetisch mogelijk leven met daaraan gekoppeld verfijnde sensuele genietingen, is bekend als de bijbel van het decadentisme.
Nog weer later raakte Huysmans gefascineerd door het occulte en satanisme. De romans die er van Huysmans verschijnen zijn een afspiegeling van de geestelijke ontwikkeling die hij doormaakt. Deze ontwikkeling eindigt met zijn bekering tot het katholieke geloof en toetreding tot de orde van de Benedictijnen.  In deze periode verschijnen boeken die worden aangeduid als de 'Katholieke' romans. Zijn beroemdste boek is À rebours  door Jan Siebelink vertaald naar het Nederlands als Tegen de keer:  

Een puissant rijke, maar ziekelijke levensgenieter wil de zielige bekrompenheid van zijn omgeving ontvluchten. Daarom trekt zich terug in een gerieflijke kluizenaarswoning op het platteland. Teneinde een aangename oude dag te hebben richt Des Esseintes, want zo heet hij, dit huis in volgens zijn eigen strenge eisen.

Hierbij valt hij veelvuldig terug op decadente verleden tijden. In ongehoorde verfijning kiest hij zijn kleuren en overdaad aan woonaccessoires uit. Hoe onnatuurlijker hoe beter. Overal hangt of staat iets. Zijn bloemen en planten selecteert hij op hun kunstmatigheid, al moeten het wel echte planten zijn. Met behulp van een immense collectie geurwaters verdiept hij zich in de symboliek van aroma’s. Als zijn twee uitgebluste bediendes hem terzijde staan, dienen zij zichzelf eerst te bedekken met vroegmiddeleeuwse Begijnencapuchons.

De boekenkast is een verhaal apart. Des Esseintes heeft ook hier zijn voorkeuren: hoofdzakelijk Latijnse werken, uiteraard veelal in de eerste druk, geschreven tijdens de ondergang van het Romeinse rijk. Dit literaire dieet wisselt hij af met de mystieke tetanus van d’Aurevilly, Baudelaire en Verlaine. Al het overige is broddelwerk.

Huysmans beschrijft zeer deskundig en kleurrijk Des Esseintes’ Zenuwinzinking, die bij de aanvang van het verhaal al in een vergevorderd stadium is. De kwaal verergert omdat de hoofdpersoon zich in afzondering opsluit in zijn gewatteerde, ontvolkte universum. Uiteindelijk vlucht hij, ontdaan van illusies, terug naar de maatschappij, die hem in eerste instantie verjoeg.

 

Cultura links