Hoofdnavigatie


Week 6, woensdag 8 februari 2012, 14:33

Zoeken zoek in cultura

Maarten Biesheuvel

Maarten Biesheuvel

Jacob Martinus Arend (Maarten) Biesheuvel wordt op 23 mei 1939 te Schiedam geboren. Hij is op een na de jongste van vijf kinderen - twee broers en twee zusjes. Na de lagere school gaat hij naar het Groen van Prinstererlyceum te Vlaardingen, waar hij in 1956 wegens 'eigenzinnig gedrag' wordt weggestuurd. Hij werkt een tijdlang in de haven en volgt op een avondschool het gymnasium. De zeereizen als ketelbink die hij in deze periode maakt, zullen later een rijke inspiratiebron voor zijn schrijverschap blijken te zijn. 'In het diepst van mijn hart (ben ik) een schrijver van zeeverhalen', verklaart hij in het voorwoord van 'Zeeverhalen' (1985), waarin een aantal van die verhalen apart gebundeld is.
Nadat hij is gezakt voor het staatsexamen, voltooit hij de gymnasium alpha-opleiding aan het Stedelijk Gymnasium in Schiedam. Daar leert hij Eva Gütlich kennen, met wie hij zijn leven deelt tot op de dag van vandaag.

In 1960 gaat hij in Leiden rechten studeren met Russische taal als bijvak. Zijn maatschappelijk engagement ontwikkelt zich en Biesheuvel raakt dusdanig onder de indruk van al het onrecht in de wereld, dat hij moet worden opgenomen in de psychiatrische inrichting Endegeest.  Het zijn de jaren dat hij ook van zijn geloof valt en zich een lange periode van manische depressiviteit aankondigt. 'Ik ben door een geestelijke hel gegaan, twee jaar lang ben ik thuis achter elkaar depressief geweest door het piekeren over martelen, oorlog, de uitroeiing van de walvis en het laten zakken van de nucleaire en chemische afvalstoffen in onze heerlijke zeeën...'. Aldus een citaat uit het verhaal 'Bewogenheid en paradijs', oorspronkelijk verschenen in het maartnummer 1981 van Hollands Maandblad en later gebundeld in 'De bruid' (1982).

In oktober 1972 verschijnt zijn eerste verhalenbundel, 'In de bovenkooi', een selectie uit de talloze verhalen die hij in de tien jaar daarvóór geschreven heeft. De bundel bevat veel autobiografische verhalen, vooral over zijn gereformeerde jeugd en zijn ervaringen op zee en in de haven. In die autobiografische realiteit breekt echter voordurend het onmogelijke, absurde door. Een sprekend voorbeeld daarvan is het bekende verhaal 'Brommer op zee', waarin de alleen door de verteller waargenomen verschijning van een bromfietser op volle zee een allegorische verbeelding is van het gevoel na het afleggen van het geloof uit de kinderjaren een buitenstaander, een vreemdeling te zijn.
Met zijn geheel eigen humor,de grilligheid van zijn fantasie en de vaak ongeremd lange zinnen en uitweidingen en afdwalingen die hij door zijn verhalen weeft, heeft Maarten Biesheuvel zich een plaats binnen de Nederlandse letteren toegeeigend.

'In de bovenkooi' wordt bekroond met de Alice van Nahuysprijs voor het beste literaire debuut uit de productie van twee jaar. De jury prijst Biesheuvels 'beheerst barokke stijl' en 'fascinerend temperament' en stelt o.a.: 'De exuberante stijl, de artistiek volstrekt verantwoorde overdrijvingen, de weergave van gedachtevluchten en dromen maken ook de autobiografische verhalen tot verbeelding'.

Ook voor 'Slechte mensen', dat in 1973 verschijnt, heeft Biesheuvel geput uit de grote oogst aan verhalen uit de voorgaande jaren. Na het verschijnen van 'Slechte mensen' zegt Biesheuvel zijn baan op om zich geheel aan het schrijven te kunnen wijden. Dat is hem echter niet gelukt. Voortdurende depressies blokkeerden zijn schrijversactiviteiten 

Het centrale thema in Biesheuvels werk is het thema van het - tot mislukking gedoemde - streven van de mens om (opnieuw) toegang te krijgen tot het Paradijs, aldus Anton Korteweg in Kritisch Literatuur Lexicon. Het verlies van het geloof van zijn kinderjaren en ook de frustratie van zijn maatschappelijk idealisme hebben bij Biesheuvel een sterke nood aan geborgenheid doen ontstaan en een beeld van de werkelijkheid als pijnlijk en chaotisch. In zijn werk wemelt het van de 'martelaren', personages die de wereld willen veranderen, beter willen maken, maar die juist het tegendeel zien gebeuren, wat hen vervult met angst of - nog erger - gek maakt.

In 1988 schrijft Maarten Biesheuvel op verzoek van de CPNB het Boekenweekgeschenk, een periode waarin hij niet 'hartstikke gek' was, zoals hij het zelf in de documentaire "De Angstkunstenaar" verwoordt.
En in 2007 wordt hem de P.C. Hooftprijs toegekend voor zijn gehele oeuvre.

Cultura links